web analytics

De blitzactie van 5 september 1379

72
banner

September 1379. Jan Hyoens legt het dilemma voor aan zijn achterban. Wie denkt de graaf wel te zijn om de Gentenaars te vragen hun eigenheid en zelfrespect opzij te zetten? Ze zijn en ze ademen hun ‘Witte Kaproenen’, als de burgers nu hun kappen afleggen zullen ze nooit nog echte Gentenaars zijn. Gevolg: het gemeen volgt het gedachtegoed van Hyoens, de Witte Kaproenen blijven bestaan en de wevers zullen hun wapens niet meer neerleggen.

In Male stellen de leliaards op hun beurt een gewapende interventie voor in Gent. Baljuw Rogier Van Outrive zal met 200 ruiters naar deze stad trekken. Op de Korenmarkt zullen ze het gezelschap krijgen van een groep aanhangers van Gilbert Mahieu en daarna plannen ze om naar de woning van Hyoens te trekken, om hem en zijn dichte achterban op te pakken. De aanvoerders van de Witte Kaproenen moeten naar het kasteel van Gent overgebracht worden om er ter dood gebracht te worden. De geplande blitzactie op 5 september 1379 verloopt helemaal anders dan verwacht. De Gentenaars snellen van alle kanten toe. Waarop Mahieu de baljuw aan zijn lot overlaat.

Rogier Van Outrive probeert zich nog vruchteloos te verdedigen maar wordt het slachtoffer van de volkswoede. De baljuw overleeft het niet. De colère van de Gentenaars is zo groot dat ze de grafelijke vlag in stukken scheuren. Drie dagen later steken de dolle poorters het kasteel van Wondelgem in brand. De burcht is nog niet afgewerkt maar staat er wel dank zij de zware heffingen op de kap van de inwoners. 200.000 frank taksen gaat daarbij in de vlammen op. Bij hun terugkeer verwoesten de inwoners nog de verblijfplaats van de graaf bij de Walpoortbrug. Zonder hun toestemming zal hier niemand meer binnenkomen. Een deel graafgezinde Gentenaars haast zich naar Male om hun stadsgenoten te verontschuldigen voor de dood van de baljuw en om de vrede te herstellen.

De graaf, bijzonder kwaad om de vernietiging van zijn kasteel in Wondelgem antwoordt als een gebeten hond en dreigt er tijdens een heuse scheldtirade mee de boodschappers hier ter plekke te laten onthoofden. Nooit van zijn leven zal hij nog één Gentenaar genade schenken of ook maar enig akkoord met hem sluiten.

Een innig verbond tussen Gent en Brugge
De zaken zijn nu natuurlijk helemaal op de spits gedreven en de partijen nodeloos op stang gejaagd. Hoe lang zal het duren voor de rest van Vlaanderen zal geïnfecteerd worden? Lodewijk van Male verhuist voor alle veiligheid naar Rijsel, laat Oudenaarde extra bemannen, samen met nog enkele andere burchten. Jan Hyoens is tegen die tijd al uitgeroepen tot officiële hoofdman van Gent. In zijn nieuwe functie gaat hij op zoek naar steun in Aalst, Deinze en Ninove die de Gentenaar goed onthalen. Maar zich wel terughoudend opstellen. Ze wijzen hem er op dat de strijd van de Witte Kaproenen in geen geval een Vlaamse kwestie kan zijn zolang die niet gedragen wordt door de Brugse burgerij.

Hyoens kent de situatie in Brugge goed genoeg. De graafgezinden hebben er een grote invloed, de stad groeit en bloeit dankzij de steun van de graaf. Maar veel Bruggelingen delen deze mening helemaal niet. De gewezen burgemeester Gilles van Coudenbroeck bijvoorbeeld is een notoir tegenstander van Lodewijk van Male. En die moet ongetwijfeld de steun hebben van een hele achterban. Hyoens beslist om zelf poolshoogte te gaan nemen in zijn buurstad. Hij wil weten wie zijn vrienden zijn. Samen met een bende van zowat 10.000 stadgenoten (vermoedelijk sterk overdreven) en de dekens van de neringen stappen ze tot aan de grenspalen van Brugge. Nee, de Gentenaars komen niet om te vechten, Hyoens gaat persoonlijk onderhandelen om binnengelaten te mogen worden.

Gilles van Coudenbroeck gebruikt zijn autoriteit, de Gentenaars zijn welkom in de binnenstad van Brugge. De geschiedschrijvers zien hun intrede voor hun eigen ogen gebeuren. Hun verslag is dat van chroniqueur Froissart. Jan Hyoens rijdt achter de stoutmoedige burgemeester, gevolgd door zijn duizenden wapenlieden. Hun tocht richting markt is best een schoon schouwspel. De Gentenaars streng in het gelid, Jan Hyoens met zijn witte bevelhebbersstok in de hand die goedkeurend toekijkt hoe die van Gent en Brugge zich met elkaar verzoenen. Ze sluiten een innig verbond dat ze als goede vrienden en buren voor altijd met elkaar verenigd zullen blijven.

 

 

· · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *