web analytics

1466. De Dinantse rebellen komen in actie

70
banner

22 januari 1466. Het komt eindelijk tot een vredesverdrag tussen Karel en zijn weerbarstige Luikenaars. Ze beloven hem dat ze hem zullen accepteren als beschermer van hun land en zullen de volgende zes jaar haast astronomische bedragen betalen om de aangerichte schade te vergoeden. Karel kan nu met een gerust gemoed naar Brussel terugkeren en zijn leger ontbinden. Niet zo lang daarna komt hij naar Brugge. De inwoners begroeten hem met grote eer en vreugde. Daarna vertrekt hij naar zijn pas verworven landen en steden in Frankrijk. De pas bereikte vrede met de Luikenaars is spijtig genoeg geen lang leven beschoren. De inwoners van Dinant beschikken blijkbaar over een masochistisch trekje en kiezen voor hun eigen ondergang. Ze laten zich in elk geval door de Franse koning opjutten om de zo duur betaalde vrede te breken en opnieuw het pad van de rebellie te kiezen. Concreet laat zich dat zien in het terughalen van al wie verbannen werd en het oprichten van een nieuw leger dat weldra binnenvalt in de graafschappen van Namen en Henegouwen. Met natuurlijk de gebruikelijke verwoestingen en plunderingen, zelfs de kerken en de kloosters sparen ze niet.

De Dinantse rebellen overtuigen zelfs de Luikenaars om mee in het verzet te komen en het juk van Bourgondië van zich af te schudden. De reactie van Filips de Goede zal niet lang meer uitblijven. Zijn pogingen om een groot leger op de been te brengen botst helaas voor hem op weerstand van vele krijgslieden die naar eigen zeggen heel slecht werden vergoed voor hun prestaties van vorig jaar. De hertog verneemt dat nieuws tijdens een vergadering in Brussel en maakt zich daar zodanig kwaad dat hij erdoor enkele dagen van de kaart is. De kroniekschrijvers hebben het over een ‘geraaktheid’ waarvan Filips na enkele dagen gelukkig van herstelt. Soit; nog voor het einde van de julimaand staan er 30.000 mannen klaar om op te trekken onder het opperbevel van Karel de Stoute.

De vernietiging van Dinant
16 augustus 1466. Karel van Charolais en zijn omvangrijke legermacht verschijnen voor de muren van Dinant en beginnen van alle zijden aan een belegering. De oude hertog Filips voelt zich ziek en laat zich in een koets meevoeren bij de achterhoede van het leger. Hij verblijft in het dichtbijgelegen stadje Bouvines Tijdens het beleg verdedigen de poorters zich dapper met de 4.000 mannen die ze ter hulp gekregen hebben vanuit Luik. Een eerste voorstel van graaf Karel om zich over te geven beantwoorden ze met een vloed van scheldwoorden en beledigingen. Die van Dinant gaan er van uit dat hun stad onneembaar is. En ze rekenen dan nog op de komst van een leger van 36.000 mannen die Luik hen beloofd heeft met daarbij nog extra assistentie van de Franse koning.

De inwoners van Bouvines begrijpen dat dit beleg lang zal duren en vrezen zelf voor grote schade. Ze pramen de Dinantenaars dat ze er moeten mee ophouden. Als reactie hierop hangen ze de twee boodschappers uit Bouvines op aan de galg en blijven ze maar nieuwe scheldwoorden uitbraken tegen Karel en zijn ouders. Die is op zijn beurt zo razend dat hij beslist dat Dinant tot op de grond toe vernietigd moet worden. Hij laat de stad van twee zijden beschieten, een bombardement dat resulteert in de dood van 700 inwoners die verpletteren onder hun instuikende woningen. De dikke stadsmuren moeten zwichten voor het hels kanonvuur. Veel soldeniers nemen daarop de vlucht.

Pas nu beginnen de inwoners de gevolgen van hun verwaandheid te beseffen. Een delegatie van 18 poorters trekt tot bij Karel met het voorstel om de stad over te leveren mits dat de graaf bereid zou zijn om het leven van de inwoners te sparen. Maar daar moet hij niet van weten. Toch bieden ze de sleutels van Dinant aan. Eerst gaat hij nog overleggen met zijn vader in Bouvines en met zijn ‘doe maar wat ge denkt te moeten doen’, krijgt Karel de Stoute carte blanche. Op 25 augustus trekt hij met zijn krijgsmannen binnen in het geteisterde Dinant. Hij isoleert de priesters, de vrouwen en de kinderen van de mannen en stuurt die onder bewaking naar Luik. Zo zullen ze op zijn minst kunnen ontsnappen aan de woede van zijn eigen manschappen.

De mannen die niet tijdig uit de stad konden wegvluchten worden gevangengenomen of gedood. Uiteraard een trieste pagina in onze geschiedenis. Daarna geeft de graaf toestemming aan zijn leger om Dinant gedurende vier dagen te plunderen. Terwijl hij het regelt dat het kerkgoed veilig en wel ondergebracht wordt in Bouvines Van het moment dat er niets meer te plunderen valt steken zijn mannen de stad van alle kanten in brand. 800 inwoners die bekend staan als de belangrijkste onruststokers worden per twee ruggelings aan elkaar gebonden en in de Maas geworpen. Karel de Stoute profileert zich als een bijzonder wrede en bloeddorstige graaf. Nadat het vuur in de stad uitgeraasd is gooien de soldaten de rest van de geblakerde muren neer. De schone en rijke stad Dinant is op enkele weken tijd veranderd in een puinhoop waar de terugkerende inwoners niet eens de plaatsen kunnen vinden waar ooit hun huizen gestaan hebben.

Mijn zoon heeft goed gewerkt
1 september 1466. Filips de Goede keert terug naar Namen. Zijn zoon heeft goed gewerkt, de Luikenaars die veel te laat waren met hun hulptroepen haasten zich om gezanten naar de oude hertog te sturen met nog maar een keer een voorstel voor vrede. Die kunnen ze krijgen mits het overhandigen van 300 gijzelaars die borg zullen staan dat ze deze keer wél hun woord zullen houden. De inwoners van Tongeren, Hoei, Sint-Truiden en Hasselt krijgen eveneens een veeg uit de pan. Ze zullen een grote geldboete betalen en zien hun stadspoorten en vestingmuren afgebroken. Pas dan begeeft Filips zich naar Brussel en wat later met heel zijn hofhouding naar Rijsel.

1467. Hertog Filips de Goede vereert Brugge nog een keer met zijn bezoek. Deze stad die hij bijzonder bemint. Volgens de schrijvers althans. Op de avond van 13 juni krijgt hij hier weer een van zijn ‘geraaktheden’. Zijn gezondheidstoestand blijkt meteen kritiek. Hij verliest zijn spraak en krijgt de heilige sacramenten van de stervenden. Zijn zoon Karel komt in volle draf vanuit Gent en treedt de volgende middag binnen bij zijn stervende vader. Karel vraagt nog een laatste keer om vergiffenis voor al wat hij mispeuterde en die krijgt hij met een zachte handknik, een teken van vergiffenis en verzoening. Filips sterft op 15 juni 1467 tussen 21u en 22u. Op een leeftijd van 72 jaar nadat hij Vlaanderen voor een periode van 48 jaar heeft bestuurd. Zijn lichaam blijft de hele nacht en de volgende dag tentoongesteld. Daarna wordt het gebalsemd en in een loden kist gelegd. Zijn hart en zijn ingewanden bergt men op in twee afzonderlijke kistjes. De zondag begraven de Bruggelingen de drie kisten in de kerk van Sint-Donaas waar ze tot in 1473 zullen blijven. Daarna verhuizen Filips’ restanten naar Dijon in zijn thuisland Bourgondië.

· · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *