web analytics

Anno 1382. De Dulle Griet

50
banner

9 juni 1382. Op één maand tijd hebben de Gentenaars onwaarschijnlijke zaken verricht. 200.000 Vlamingen gemobiliseerd (toch volgens kroniekschrijver Despars). Na een bevel aan al de gemeenten van Vlaanderen om de milities op de been te brengen stromen alvast 100.000 gewapende mannen toe in kampen langs de Scheldeboorden. Filips van Artevelde kan zich betrouwen op de zonen van de krijgsgezellen die ooit voor zijn vader vochten; Simon van Vaernewyck, Jan de Beer, Gozewyn Mulaert. Uit dat groot leger hoort de leider een luide roep om een veldslag uit te vechten. Dat immense leger gaat in eerste instantie postvatten voor Oudenaarde. Het is de bedoeling om de stad uit te hongeren en nodeloos bloedverlies te vermijden.

Arteveldes leger is gewoonweg indrukwekkend. Bezoekers uit Brabant en zelfs uit Duitsland komen op er op af om de ontelbare tenten van de gemeentelijke troepen te bezoeken. Ze begeven zich naar de wijk van de Gentenaars, geplaatst aan de Henegouwse zijde langs een brug die ze over de Schelde hebben geworpen. De vreemdelingen kijken hun ogen uit op het kamp van de Bruggelingen en van daar overschouwen ze de geschakeerde vlaggen van Ieper, Kortrijk, Poperinge, Cassel en het Brugse Vrije. Wat vooral hun bewondering opwekt zijn de schietgevaarten van de Vlamingen, hun ‘tuimelaars’ en de kanonnen onder de welke men een soort van mortier aantreft en die van op een afstand van zes uren te horen zullen zijn. En dan hebben de Gentenaars nog hun grootste kanon thuisgelaten.

Artevelde laat balken en staken in de Schelde slaan om de scheepvaart te beletten. Hij verandert al snel van gedacht waarop de belegeraars beginnen met het afvuren van hun kanonnen. Nodeloos bulderend geweld dat zoals te verwachten niet meer oplevert dan veel lawaai. Daniël van Haelewijn neemt alle maatregelen om de stad te behouden. Wie geen wapens kan hanteren dient zich te begeven in de kerken of kloosters of zich te verschuilen in kelders. Al de woningen die zich naast de vestingen bevinden worden afgebroken of met aarde bedekt om eventuele brand te beletten. Op die manier geeft de stad Oudenaarde geen krimp onder het offensief van Arteveldes leger.

Filips van Artevelde laat grotere kanonnen aanrukken. Die werden gegoten in Gent. Het zwaarste monster heeft een lengte van 6 meter en een schachtdiameter van ongeveer 1 meter en weegt maar liefst 16 ton. Dat is onze ‘zegepraal’, pochen de Gentse soldaten maar als achteraf zal blijken dat dit reusachtig geval eigenlijk ook niet bij machte is om het doel te bereiken, veranderen ze deze naam in ‘Dulle Griet’, ter nagedachtenis aan Margareta van Constantinopel, hiermee verwijzend naar haar koosnaampje van ‘Zwarte Margriet’. De inwoners van Oudenaarde schrikken zich een hoedje maar ze blijven op post. Ze wagen zich zelfs aan enkele wekelijkse uitvallen waarbij ze veel van hun vijanden doden. Artevelde krijgt ook nog te maken met een uitbraak van de pest onder zijn troepen. Met de vaststelling dat die overdreven massa geen extra voordelen biedt bij de belegering, stuurt hij een deel van zijn manschappen naar Dendermonde om ook die stad te gaan innemen. Maar hier kent hij evenmin succes.

Rupelmonde en Saaftinge blijven trouw aan graaf Lodewijk. Terwijl het beleg van Oudenaarde aan de gang is slagen de Gentenaars er wel in om de stad Deinze te veroveren. Ze steken die in brand en vernietigen er de stadspoorten. Artevelde stuurt nog een keer 1.000 Gentenaars weg uit het beleg om al de kastelen en de hofsteden van de gevluchte edellieden te plunderen en te verwoesten. Deze buitmakers laten zich dat natuurlijk geen twee keer vragen, ze voeren zijn orders tot in de puntjes uit en doorlopen het land met vuur en zwaard. De woestelingen dringen zelfs door tot in de kasselrij van Rijsel waar ze dorpen en korenmolens verbranden. Tot ze op de vlucht gaan voor het garnizoen van Rijsel en daarbij enkele manschappen verliezen. Toch weten ze verder nog het kasteel van de bisschop van Doornik in Helkijn te plunderen en in brand te steken. Pas daarna keren ze met hun grote buit terug naar het beleg van Oudenaarde.

Zijn zilveren wieg is gestolen
De graaf laat zich evenmin onbetuigd. Omdat de Kortrijkzanen zich na de slag op het Beverhoutsveld weer aangesloten hebben met die van Gent wreekt Lodewijk van Male zich nu scrupuleus op hun gijzelaars die in zijn bezit zijn. Ze worden allen onthoofd in de stad Bapaume. De Ieperse gijzelaars die nog in Douai vastzitten verhuizen in zeven haasten naar Bapaume en Hesdin zodat ze buiten de actieradius van de Gentenaars zullen blijven. Veel meer kan hij echter niet doen. Als er één persoon is die Vlaanderen weer onder controle kan krijgen dan zal het zijn eigen schoonzoon Filips van Bourgondië moeten zijn. In Vlaanderen beter bekend als Filips de Stoute. Sinds de dood van Karel V in 1380 bekommert Filips zich om de twaalfjarige Franse troonopvolger Karel VI. In die positie bezit Filips de Stoute dan ook behoorlijk veel autoriteit en macht in het grote Frankrijk.

Graaf Lodewijk informeert zijn schoonzoon over de gebeurtenissen in Vlaanderen, hoe de rebellen hun kasteel in Male geplunderd en beschadigd hebben, dat ze zijn zilveren wieg en zijn kostbare wapenverzameling hebben gestolen. Filips de Stoute zal nu wel moeten ingrijpen om zijn erfenis te beschermen en stapt af op de koninklijke raad van Frankrijk om er naar Franse militaire steun te hengelen. Zijn verzoek wordt door het hof toegestaan op voorwaarde dat graaf Lodewijk nog een laatste redelijk voorstel zou doen om tot vrede te komen. Een beetje tegen de zin van de Franse puberkoning Karel VI, omschreven als een onnozel kind met een vroegtijdig verzwakte geest, die de verplettering van de Vlaamse trots al helemaal voor zich ziet gebeuren.

De graaf stelt in eerste instantie 200 ter dood veroordeelde gijzelaars op vrije voeten en probeert vrede te maken met Brugge, Gent en Ieper. Artevelde die sterk onder de invloed staat van zijn oorlogszuchtige secretaris Hendrik Carpentier wil aanvankelijk niet van enige vrede horen. Maar de wetenschap dat het in Oudenaarde niet van een leien dakje loopt doet hem alsnog van mening veranderen.

  

· · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *