web analytics

Anno 1334. Een januarimaand vol chaos

58
banner

Januari 1334. Lodewijk van Nevers krijgt wel de steun van andere vorsten die zich achter hem scharen. Het gaat onder andere over de vorsten van Bohemen, Holland, Henegouwen, Gelderland en Namen. In Valenciennes sluiten ze een samenwerkingsverbond. Na het officieel gedeelte gaan de nieuwe partners zich te buiten aan een buitenissige orgie van zuipen, vreten en vrouwen. Ondertussen zijn er al herauten op de baan om de oorlog te gaan verklaren aan de hertog van Brabant. De graaf van Vlaanderen begint zijn oorlog met een heldenfeit van zeer twijfelachtige aard. Hij laat de abdij van Affligem, een van de schoonste van de Nederlanden in brand steken. Alleen maar omdat die in Brabant ligt.

Op zijn beurt plundert Jan van Brabant het Land van Aalst. De januarimaand verloopt in uiterste chaos. De hertog laat zich niet zomaar doen. Een troep van 500 Vlaamse ruiters valt in een hinderlaag bij het Helleken in de buurt van Brussel waar ze een heuse slachting ondergaan. Gelukkig is de oorlog van korte duur. Filips van Valois acht het verstandig om een goede relatie aan te houden met alle Nederlandse vorsten en slaat aan het bemiddelen. Op 2 augustus leidt dat tot een vredesregeling tussen alle partijen. De kwestie Mechelen wordt onderzocht. Wat is nu van Luik en wat van Brabant en welke schadevergoeding kan er betaald worden aan Lodewijk van Nevers indien de transactie geannuleerd zou moeten worden?

1334. De Bruggelingen hebben de graaf trouw bijgestaan tijdens zijn oorlog in Brabant en plukken daar nog datzelfde jaar de vruchten van met een voordelige aanpassing van hun stedelijke privileges. Op 23 november woedt er een verschrikkelijke storm die achteraf de naam van de Sint-Clemensvloed zal krijgen. De zee stijgt daarbij tot zo een ontzettende hoogte dat niet alleen veel dijken maar ook hele duinenrijen worden weggeslagen. Ter Streep bij Oostende en Scharphout (Blankenberge) gaan kopje onder in de Noordzee. Het nieuwe Blankenberge zoals wij dat kennen zal achteraf verder landinwaarts gesticht worden door een nieuwsoortige bevolking die helemaal vreemd is aan die van het oude Scharphout. Graaf Lodewijk is tegen dan al terug in zijn oude gewoonten hervallen.

Hij is nu eenmaal gek op het zonnige Frankrijk waar hij in lust en weelde kan leven, omringd door een kransje minnaressen, vleiers en gunstelingen die feitelijk alleen maar uit zijn op zijn geld. De Vlamingen staan er bij en kijken ernaar hoe de barrière die hen scheidt van hun graaf alsmaar groter wordt. Zelfs steden als Gent en Oudenaarde die Lodewijk altijd al steunden verliezen nu gaandeweg hun achting voor de graaf. Die wrevel is vooral persoonlijk, de achting voor het grafelijk geslacht zelf blijft bestaan.

Alles draait om de wol
1335. Een intern conflict in Frankrijk zal het leven in Vlaanderen binnenkort helemaal overhoop gooien. Filips van Valois gooit Robert van Artesië uit zijn leengebied. Die laatste verzeilt in Engeland aan het hof van koning Edward III. Zijn stelling dat Edward in wezen de wettelijke erfgenaam is van de vorige koning Karel de Schone en dat het geslacht van Valois onwettig op de troon zit kan Edward III grote voordelen opleveren. De troon in Frankrijk wankelt al een tijd. Het zou voor Engeland een fluitje van een cent zijn om die helemaal omver te werpen en zelf de macht te grijpen in Frankrijk. Daarbij zou Edward ook de controle krijgen over het belangrijke handelsgebied van Vlaanderen.

Datzelfde Vlaanderen is nauw verbonden met Engeland. Met Brugge als centrale pion. De Vlamingen en hun bloeiende lakenhandel kopen al hun grondstoffen (wol) in Engeland. Zijn voorganger Edward I had ooit de wolmarkt naar Brugge gebracht en er in de afloop van de Guldensporenslag veel moeite voor gedaan om die hier te houden. Later zou Antwerpen de plaats van Brugge innemen terwijl Filips de Schone in 1314 de wolmarkt wilde verplaatsen naar Sint-Omer. Brugge had veel moeite moeten doen om hun wolimport uiteindelijk in 1323 naar zich toe te trekken. In 1332 heeft zijn vader (koning Edward II) de Vlaamse koopwaren in beslag laten nemen, een geschil dat een jaar aansleepte en maar met de nodige moeite werd bijgelegd. De belangen van de Engelse grondeigenaars en de Vlaamse wolfabrikanten zijn nu eenmaal te groot om elk conflict lang te laten aanslepen.

Koning Edward III is de eerste Engelse koning die iets wil doen aan de machtspositie van Vlaanderen. Hij stelt zich de vraag waarom ze de wol niet in Engeland zelf kunnen verwerken zodat hij de hele textielindustrie kan bemachtigen. Hij begint aan een campagne om de Vlaamse know-how naar eigen land te brengen. Edward zwaait naar onze wevers met grote voordelen en koninklijke bescherming om zich in Engeland te komen vestigen. De werklieden in Vlaanderen worden bestookt met brieven dat ze in zijn koninkrijk een weelderig leven zullen kunnen leiden en rijke huwelijken zullen aangaan. Deze beloften verleiden nogal wat wevers uit Ieper, Waasten en de rest van Vlaanderen. Ambachtslieden die door Lodewijk van Nevers verbannen waren vinden sowieso al gemakkelijk hun weg naar de oevers van de Thames.

 

 

· · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *