web analytics

Anno 1323. Een puberende flierefluiter

58
banner

De aversie tegen Robrecht van Cassel moet wel heel groot geweest zijn dat de eerste keuze op de jonge Lodewijk van Nevers valt. Hoe kan ik begrijpen dat de Bruggelingen kiezen voor een in Parijs opgevoede jongeling? De nieuwe graaf is compleet vreemd aan Vlaanderen en de Vlaamse zeden. Alleen hoffeesten en vermaken interesseren hem, de junior is nog een puberende flierefluiter, volledig onder controle van de Franse monarchie. De nieuwe graaf begint aan zijn regeerperiode met een absolute flater. Om zijn oudoom Jan van Namen te belonen voor zijn lobbywerk vindt Lodewijk er niets beter op dan dan hem de heerlijkheid Lammingsvliet over te dragen samen met de waterrechten op de havens van Sluis en Damme.

Hij ziet daarbij een van de belangrijkste privileges van Brugge over het hoofd. Zijn voorgangers hadden de Bruggelingen er altijd van verzekerd dat de waterrechten over de havens van het Zwin uitgeoefend moesten worden door een Brugse poorter die wel in Damme moest verblijven. Die van Brugge zijn natuurlijk verontwaardigd over deze beslissing. Ze stellen dan ook alles in het werk om deze transactie ongedaan te maken. Iets waar ze niet in slagen. In een tweede fase gaan ze over op het bedreigen van Jan van Namen. Die laat van zijn kant weten dat hij zijn rechten met geweld zal verdedigen. Dat beledigend antwoord drijft de Brugse woede verder ten top. Nog diezelfde dag vallen ze Sluis aan in een poging om de haven te vernielen. Graaf Lodewijk probeert dat te verhinderen maar wat later kan hij niet veel anders dan de Bruggelingen te gehoorzamen. Hij trekt zelfs, dik tegen zijn zin mee ten strijde met hen.

14 juni 1323. Ze zijn nauwelijks in Sluis aangekomen wanneer de graaf van Namen hen al verrast met een eerste uitval waarbij minstens 300 Bruggelingen er het leven bij inschieten. De stedelingen trekken zich even terug en wachten op de komst van extra versterking om dan hun tweede aanval te lanceren. Dit keer kennen ze wel succes. Ze doden de vijandelijke soldaten en nemen Jan van Namen gevangen. Hij wordt op een schip naar Brugge overgebracht terwijl Lodewijk van Nevers de Bruggelingen smeekt om zijn leven te sparen. De scheepskraan die Jan van Namen al had laten installeren gaat tegen de vlakte en even later keren de Bruggelingen met een rijke buit terug naar hun thuisstad.

Op het stadhuis krijgt Jan van Namen de keuze: de bekomen privileges terug schenken aan Brugge ofwel gevangen blijven in het Brugse Steen. Zijn antwoord is niet wat ze hier willen horen: de eigendomstitels van Lammingsvliet bevinden zich in zijn kasteel te Namen, en hij bewaart ze zorgvuldig voor zijn nakomelingen. De graaf mag terug naar het Steen. Zijn echtgenote Maria van Artesië, de gravin van Namen smeekt ondertussen al bij de koning van Frankrijk om tussen te komen in deze kwestie, maar die van Brugge eisen onverminderd dat hun oude privileges in ere hersteld moeten worden. De graaf van Vlaanderen zit erbij en kijkt ernaar. Omdat zijn gezag hier in Brugge onbestaande is vertrekt hij dan maar naar Frankrijk.

Het Steen is niet eens een kwalijke plek
Jan van Namen geraakt van langs om meer gedesillusioneerd dat zijn vrienden hem niet uit zijn gevangenis komen bevrijden. Nochtans is het Steen niet zo’n kwade plek om te verblijven. In weerwil van ijzeren hekken en cipiers is het voor de rest best een vrolijke woning. De gevangenen mogen slapen in goede bedden en bij feesten mogen ze zelfs hun kamers met bloemen en groen versieren. Ze krijgen zelfs de toelating om er hun vrienden te ontvangen. De gevangenen zingen en brallen er, spelen met de teerlingen en dankzij al die gezellige wanorde slaagt de graaf van Namen er in om op 9 oktober 1323 te ontsnappen. Dat heeft hij vooral te danken aan de Brugse edelman Jan van Doorne wiens huis aan de gevangenis paalt.

Zonder gerucht te maken maakt die een opening in de muur zodat Jan van Namen hem maar hoeft te volgen. Hij snelt vanuit de woning van van Doorne naar de Vrijdagmarkt waar Jan van Hertsberge hem met drie ruiters en zes paarden staat op te wachten. Wat later zijn de vogels door de Boeveriepoort gevlogen. Zijn vlucht zorgt voor hevige commotie in Brugge. Opnieuw zijn er twee kampen die zich frontaal tegen elkaar opstellen. De magistraten van Gent sturen hun afgevaardigden naar Parijs met het verzoek dat de graaf van Vlaanderen dringend gewenst is in Brugge.

Begin december 1323. De jonge graaf stemt toe. Hij keert terug naar Brugge met de toezegging dat Jan van Namen hen vergiffenis schenkt voor hun aanval en zijn gevangenname. Lodewijk wordt tot grote ergernis van de Bruggelingen inderdaad geflankeerd door die Flotte, de abt van Vézelay is hier een gehaat figuur die ooit deelnam aan de wraakoefeningen van Filips de Schone. Maar de abt toont zich verrassend genoeg mild voor de Bruggelingen. Hij bevestigt hun oude voorrechten en voegt er zelfs nog enkele aan toe. Hij bepaalt dat er in Sluis geen koopwaren van meer dan 60 pond mogen gelost worden en dat daar absoluut geen laken mag geweven worden. De organisatie van lakenmarkten is er taboe. Jan van Namen en zijn opvolgers moeten niet denken om er ooit nog kastelen of sterkten te bouwen.

 

 

· · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *