web analytics

1429. Is Jeanne al dan niet gezonden van God?

52
banner

Karel VII is op de hoogte van haar komst en beslist om toch maar eens te testen of Jeanne nu al dan niet door God gezonden is. Bij haar aankomst zit hij in het gezelschap van een groot aantal jonge heren waarbij er veel tussen zitten die luxueuzer gekleed zijn dan hij. Zonder Gods hulp zal ze niet eens weten wie hier de echte koning is. Maar Jeanne stapt resoluut op hem af en groet hem. Karel probeert haar nog in de war te brengen door te wijzen in de richting van een deftige hoveling in zijn buurt. Het meisje vertelt hem dat ze goed genoeg weet hoe de koning er uitziet omdat ze hem vaak genoeg gezien heeft in haar dromen. De twee zullen volgens de kroniekschrijvers daarna een wonderlijk gesprek voeren.

Jeanne spreekt met zoveel autoriteit dat ze wel over bovenmenselijke trekjes lijkt te beschikken. Ze beweert zonder blozen dat ze Orléans zal bevrijden en dat ze haar koning zal doen zalven in Reims. Ze vertelt het koninklijk gezelschap over geheimen die alleen de koning kan weten. Een verder onderzoek naar haar antecedenten leidt het meisje tot in het parlement waar ze op de rooster van Frankrijks voornaamste godgeleerden gelegd wordt. Tot iedereen ervan overtuigd is dat Karel VII haar volledig mag vertrouwen.

Jeanne d’Arc mag eindelijk aan haar ware missie beginnen. Verkleed als een jonge man rijdt ze te paard als de beste ruiter. Een degen heeft ze niet nodig, wel het wapen dat te vinden is in de kerk van Fierbois, een degen voorzien van vijf kruisen en drie leliebloemen. Van zodra ze in het bezit is van het bewuste zwaard laat ze al direct zien dat ze er een handje van weg heeft om het te bedienen. Jeanne is nu klaar om zich naar Blois te begeven, tot bij de troepen die ondertussen klaargestoomd zijn om een aanval op Orléans te wagen. Na meerdere voorspellingen en mirakels stelt ze zich aan het hoofd van deze mannen. Nadat ze eerst nog eens te biecht en te communie gaat en daarbij nog eens de zegen van de hemel krijgt.

De katholieke schrijvers fantaseren er maar op los. Jeanne wordt in Orléans voorafgegaan door de graaf van Dunois die de eerste bressen slaat. En daarna vecht onze jonge boerendochter voor wat ze waard is. Een pijl in haar rechterschouder lijkt haar niet te deren, voor een weinig bloed en een extra gaatje laat ze zich niet kennen. Ze vecht op de barricades en doet de Engelse vijand warempel wijken. Het is zijzelf die de Franse standaard neerplant bovenop de vijandelijke verschansingen. De resterende Fransen veranderen Orléans in een bebloede stad. Op 18 mei van het jaar 1429 geven de nog in leven gebleven Engelsen het voor bekeken. Jeanne d’Arc zal voortaan aangesproken worden met de koosnaam ‘de maagd van Orléans’. Ik geef nog even mee dat haar maagdelijkheid ook al het onderwerp van nader onderzoek geweest is.

De maagd van Orléans
Met de verovering van deze stad is natuurlijk maar één van haar twee objectieven bereikt. Nu moet Karel VII nog tot koning van Frankrijk gezalfd worden. Zijn koninklijke raad vindt haar advies toch wel wat buitensporig. Met de Engelsen die nog grote delen van Frankrijk in hun bezit hebben zou de koning nog beter wat afwachten. Hun militaire macht is beduidend groter dan die van hen. En in de Champagne is de vijand bovendien meester van Reims, Troyes, Châlons en de rest van de steden. Jeanne weigert in te binden en beweert hij hoog en bij laag dat ze Karel met de hulp van God tot in Reims zal loodsen. De maagd van Orléans gaat wel voorzichtig te werk.

Haar mannen moeten eerst de omgeving veroveren, een opdracht waar ze in slagen. Enkele steden vallen in Franse handen, de Engelsen worden overhoop geslagen tijdens de veldslag van Patay. Aan Engelse kant is er sprake van 2.500 doden terwijl er amper 100 Fransen sneuvelen. Ik kan ze een beetje beschouwen als een schoonheidsfoutje van God zelf. Ze nemen de vermaarde generaal John Talbot gevangen en veroveren de stad Beaugency. De weg naar Reims ligt nu wijd open. Onderweg houdt de stad van Auxerre zich neutraal, opent zijn poorten niet maar verschaft wel levensmiddelen. In Troyes plooien de inwoners na een krachtige aanmaning van Jeanne d’Arc, ondanks het feit dat deze stad bezet is door de Engelsen geven ze zich over aan de koning. In Châlons is het de bisschop die de stedelingen tot verzet oproept. De poorters van Reims verjagen de Engelsen eigenhandig en sturen de sleutels van hun stadspoorten naar het oprukkend leger.

Het debacle van de Engelsen hier in de Champagne heeft iets mee van het bijbels terugtrekken van de Rode Zee. Op 17 juli 1429 arriveert Karel VII eindelijk in Reims waar hij door de lokale aartsbisschop tot officiële koning van Frankrijk gezalfd wordt. De maagd van Orléans is er getuige van, getooid in haar krijgsgewaad en met de standaard in de hand. De koning is haar zo erkentelijk dat hij haar familienaam d’Arc laat verandering in ‘du Lys’. Net alleen van Jeanne zelf maar van heel haar familie. Het respect om iemand de titel ‘van de Lelie’ te verlenen moet toch wel heel groot zijn. Jeanne du Lys krijgt haar eigen wapenschild, een kroon met twee leliebloemen, iets wat niemand verwondert. Na de zalving en de ceremonie geeft ze aan dat haar missie volbracht is en dat ze zich nu weer wil terugtrekken in haar vorig leven. Karel VII ziet dat helemaal niet zitten. Hij kan haar diensten maar al te goed gebruiken. Jeanne zwicht voor de koninklijke druk terwijl ze natuurlijk niet onbewogen blijft bij de toejuichingen van haar soldaten.

 

· · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *