web analytics

24 juli 1345. Moord op Jacob van Artevelde

59
banner

22 juli 1345. Edward is nog niet eens vertrokken op zee als Artevelde de ‘zwarte ridder deal’ komt verdedigen in Brugge. De volgende dag is Ieper aan de beurt. Opmerkelijk is wel dat hij 500 Engelse soldaten als lijfwacht heeft meegekregen voor zijn tournee. Dat hij de bevolking in beide steden eendrachtig en geestdriftig aan zijn kant krijgt toont nog maar eens de genegenheid die de Vlaamse burgers voor hem koesteren.

24 juli 1345. Een zondag. Vandaag is Gent aan de beurt en dat zal andere koek worden voor Jacob van Artevelde. Bij zijn intrede zijn er veel Gentenaars die hem allerminst toelachen als ze hun leider zien binnenrijden. ‘Veel onheilspellende gezichten staren hem aan’, beweren de kroniekschrijvers. En die hebben te maken met de opruiende taal van Gerard Denijs, de deken van de wevers, een gezworen erfvijand van Artevelde. Denijs heeft zijn stadsgenoten bang gemaakt voor de push van Artevelde om hier nu plots deze Edward van Wales eventjes tot graaf van Vlaanderen te bombarderen en zijn eigen land van zijn wettelijke graaf te ontbloten! En wat betekenen die 500 vreemdelingen aan zijn zijde? Denkt hij zo de Gentse burgerij in toom te houden?

Artevelde probeert nog eens duidelijk te maken wat de Engelsen voorstellen. Gerard Denijs laat hem niet eens uitspreken en dreigt ermee om Artevelde als verrader neer te schieten of te laten doodslaan. De Engelse lijfwacht wordt teruggedrongen, een uitgejouwde en bedreigde Jacob van Artevelde is best opgelucht als hij de veiligheid van zijn eigen woning kan bereiken. Maar die stelt niet veel voor. Een omvangrijke bende volk staat te drommen om bij hem binnen te breken terwijl de Engelsen het gebouw proberen te beschermen.

Moord op Jacob van Artevelde
Kervijn van Lettenhove beschrijft de daaropvolgende taferelen in detail. Het lijkt er wel op dat hij er persoonlijk aanwezig was. ‘De staatkundige argumenten zijn slechts een voorwendsel voor de woedende massa voor zijn woning. Haat en wrok vormen de drijfveer van de scheldende Gentenaars. Zo is er bijvoorbeeld die poorter Jan Panneberch die net dezelfde wraakgevoelens koestert als de verwijderde Jan van Steenbeke. Hij krijgt de hulp van Walter De Mey, Jan van Meerlaer, Jan Pauwels, Pauwel en Simon van Westhoeck.

Tussen de manifestanten bevinden zich nog figuren uit de ambacht van de volders die er op uit zijn om Jan Bake te wreken. Met daarnaast nog leden van de kleine neringen, schaliedekkers, leertouwers, straatlopers van het gemeen, opgestookt en betaald door de hertog van Brabant en de graaf van Vlaanderen.

De dienstboden van Jacob van Artevelde zien de bui al hangen, de poorten kunnen het elk moment begeven. Hun leider probeert zich via het binnenhof van zijn woning en zijn paardenstal uit de voeten te maken om zich te gaan verschuilen in de nabijgelegen kerk. Het is daar dat hij nu oog in oog komt te staan met zijn vijanden. Het is nota bene een schoenlapper die een einde maakt aan het illuster leven van de eerste Vlaamse volksleider uit onze geschiedenis.’

Gent wordt de volgende ochtend wakker in een bevreemdende atmosfeer. De vijanden van Jacob van Artevelde, met Gerard Denijs en Simon Parys als voornaamsten zijn nu meester van een stad waar de publieke verontwaardiging tegen deze gruwelijke moord al gauw de kop opsteekt. Het duo claimt helemaal niets met de moord te maken te hebben en komt er naar verluidt ook nog mee weg. De dood van de grote leider zorgt voor schrik en ontzetting bij het merendeel van de Vlaamse bevolking. De Vlamingen worden nu gehaat door twee koningen. Omdat ze zich eerst hebben uitgesproken tegen hun graaf om dan vervolgens de boezemvriend van koning Edward uit de weg te ruimen.

Afgevaardigden van Brugge, Ieper, Cassel, Kortrijk en andere steden beginnen met de nodige tegenzin aan de overtocht van het Kanaal om tekst en uitleg te gaan verschaffen bij de Engelse koning. Ze leggen uit dat ze helemaal niets wisten van de moord op Artevelde en dat ze alleen maar in vrede willen leven met Edward III. En dat ze natuurlijk niets liever zouden willen dan verder handel te mogen drijven met Engeland. Koning Edward gloeit van verontwaardiging, zweert zich te zullen wreken op de moordenaars en iedereen die gefaald heeft om hun leider te beschermen.

In één en dezelfde adem geeft hij aan dat hij daarvoor nog even zal wachten. Waarom zou hij zich momenteel in dit wespennest steken? Vlaanderen moet maar eerst even zijn eigen boontjes doppen. De Engelse vloot trekt zich terug naar de overzijde over het Kanaal. Edwards plannen voor een krijgstocht tegen Frankrijk worden met een jaar uitgesteld.

· · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *