web analytics

Anno 987. Roet in het eten van de vrede

44
banner

Hugo Capet wordt nieuwe koning van Frankrijk
Het zijn de Fransen die in 987 roet in het eten van de vrede gooien. Daar is koning Lotharius vorig jaar overleden en opgevolgd door zijn zoon Lodewijk, een aartsluiaard die in 987 van zijn paard stuikt waarop de troon van Frankrijk weer vacant komt. Om de troonopvolging van de Karolingers te respecteren zou nu zijn oom Karel van Neder-Lotharingen de volgende koning moeten worden. De Franse edelen hebben het wel gehad met het huis van Lotharingen en kiezen uit hun eigen middens de 26-jarige Hugo Capet tot nieuwe koning van Frankrijk.

Helemaal onverwacht is die verkiezing niet want zijn grootvader Robert van Bourgondië was ooit al koning van West-Francië geweest en achter de schermen was Hugo (de hertog van de Franken) al de sterkste man van Frankrijk. Exit dus de Karolingers, leve de Capetingen. De graaf van Vlaanderen is het daar niet mee eens. Arnulf II, zelf een nakomeling van Karel de Grote, heeft zijn eed van trouw afgelegd aan de Karolingers en eist dat Lotharius’ broer Karel op de troon komt zodat het geslacht van Karel de Grote kan worden verdergezet. Arnulf weigert consequent om zijn eed van trouw en manschap af te leggen aan indringer Hugo Capet.

Hij probeert hem op die manier een voetje te lichten. Daarmee komt hij plots in het oog van de storm terecht als Hugo Capet er mee gaat dreigen om Arnulf buiten te bonjouren uit Vlaanderen. Capet mobiliseert een Frans leger en rukt op naar Atrecht en van daar gaat het verder naar de Leie waar hij al de sterkten inneemt. Gelukkig vindt de Vlaamse graaf in de hertog van Normandië een medestander die er in slaagt om het geschil bij te leggen. De graaf van Vlaanderen is nu plots wel bereid om trouw te zweren aan Hugo Capet terwijl de nieuwe koning goed genoeg beseft dat hij de Vlamingen beter te vriend kan houden. Zo kan Arnulf zijn land ongestoord verder besturen.

De dood van Arnulf II
Ongestoord is een groot woord. Arnulf II krijgt weldra problemen met de monniken van Sint-Bertijns. Zijn grootvader had indertijd de stad Calais (toen nog Petresse genaamd) ondergeschikt gemaakt aan de abdij en dat is niet naar zijn zin. De graaf is net zo christelijk en devoot als zijn voorouders, maar de beveiliging en de strategische verdediging kan men toch onmogelijk aan geestelijken overlaten. Ze zijn niet ervaren in de krijgskunst en dus helemaal niet bij machte om de grenzen van het land te bewaren. Kroniekschrijver Oudegherst is van oordeel dat het probleem met geld opgelost wordt maar kan dat feitelijk niet hard maken.

Feit is wel dat Sint-Omer niet langer iets te zeggen zal hebben over Calais. In Vlaanderen zelf heerst er nogal wat ongenoegen bij de adel. De hele demarche van Boudewijn t.o.v. Hugo Capet en de morele nederlaag tegen de Fransen heeft grote verbittering veroorzaakt bij zijn misnoegde leenmannen en het is alleen maar een kwestie van tijd vooraleer ze tegen zijn bestuur zullen gaan rebelleren. Ware het niet dat Arnulf II eind maart van 988 hoge koorts krijgt en er kort daarna, op 30 maart aan overlijdt. In de bloei van zijn leven, de graaf is amper 28 jaar als ze hem moeten begraven in de Sint-Pietersabdij. De 8-jarige Boudewijn IV volgt zijn vader op als graaf. Zijn zuster Mathilde stierf trouwens al drie jaar geleden.

De geschiedenis herhaalt zich
Anno 988. De geschiedenis herhaalt zich. Wat moeten een jonge knaap aanvangen als leider van een land? In het zuiden staat de koning van Frankrijk te watertanden om Vlaanderen eindelijk binnen te rijven om er de rechtstreekse controle over uit te oefenen. Boudewijns moeder Susanne behoedt Vlaanderen voor dat onheil door in 989 te trouwen met de zoon en troonopvolger van koning Hugo Capet. Ik heb het over Robrecht II de Vrome.

En daarmee lijkt de druk een beetje van de ketel. De interne keuken van het land is allesbehalve hoopgevend. De Vlaamse edelen beschouwen het eigenlijk niet nodig dat er hier in Vlaanderen één iemand de scepter zwaait. Voor hen is het veel beter om zelf baas te zijn van je eigen grondgebied en hebben ze geen nood om door een superieure graaf bevolen en gechaperonneerd te worden. De meesten onder hen streven naar onafhankelijkheid.

De Vlaamse leenmannen kijken daarvoor in de richting van Brabant en elders en stellen met gretige ogen vast hoe de Lotharingse adel te werk gaat en elkeen de scepter zwaait in zijn eigen heerlijkheid. Ook in Duitsland is dat het geval. Ze profiteren van de jeugd van Boudewijn IV om er hun eigen voordeel mee te halen. Goed gezeten op hun burchten of kastelen wachten ze elke gelegenheid af om onder de meeste valse voorwendselen hier een stuk land en daar een bos of een weide aan hun bezittingen toe te voegen. Anderen doen er alles aan om hun eigen meester te worden en zich aan het gezag van de graaf te onttrekken en bij voorkeur rechtstreeks onder het gezag van de koning van Frankrijk te staan. Die kan hen van op afstand nu eenmaal minder in het oog houden. 

· · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *