web analytics

Anno 1488. Wat een ongelooflijke illusie toch

75
banner

Brugge ontwaakt door al die reacties toch wel met een kater. Om erger te voorkomen zullen ze absoluut een einde moeten maken aan hun onbegrijpelijke weerspannigheid. Wat heeft hen toch bezield? De Bruggelingen beginnen nu al de eerste rampzalige gevolgen van hun acties te voelen. De ambachtslieden en de neringdoenden leggen de wapens neer waarmee ze zowat twee maanden in de weer zijn geweest op de grote markt. Ze steken het vierkant park met zijn twee schavotten in brand, samen met de pijnbank van Lanchals en als dat gebeurd is keren ze netjes naar hun huizen terug. Alsof er niets gebeurd is.

Wat een ongelooflijke illusie en dat terwijl ze nota bene de koning van het Duitse rijk gevangen houden. Op 8 april toeren ze met de relieken van de heilige Donaas rond in een plechtige processie om van de hemel een goede vrede te krijgen. Daarna besluiten ze dat er beter een grote conferentie zou komen in Gent om na te gaan hoe ze de geschillen tussen Maximiliaan en de drie Leden van Vlaanderen kunnen bijleggen.

18 april 1488. Het lijkt er op dat de Gentenaars niet diezelfde betere gevoelens koesteren. In een brief aan het Brugse stadsbestuur geven ze aan dat ze beter zouden zwijgen over vrede zolang dat Gent en Ieper het daarmee niet eens zijn. De Bruggelingen gaan niet akkoord; volgens de voorrechten van het land moet het derde Lid zich altijd schikken naar de wensen van de andere twee. Een duidelijke hint dat de Ieperlingen zich meer aan Brugse zijde opstellen. Samenkomen in Gent blijkt dan nog te link voor de Roomse afgevaardigden want hun veiligheid komt hier toch wel in het gedrang en op hun beurt willen de Gentse afgevaardigden geen vergadering bijwonen in Brugge.

Tien dagen later komen de partijen dan toch tot een soort van tussenoplossing. 24 voorzichtige en onpartijdige scheidsmannen benoemd uit beide zijden zullen in Gent vergaderen om tot een regeling van het geschil te kunnen komen. Op het terrein gaan de vijandelijkheden van het Duits garnizoen van Hulst gestaag hun gang. De mannen plunderen en verbranden Eeklo en Heile en de aanpalende dorpen. Ook Blankenberge en Aardenburg krijgen er van langs.

De Duitsers vertonen zich in slagorde voor de poorten van Brugge en sturen er een schildknaap naar binnen met de niet mis te verstane boodschap dat ze de Roomse koning moeten vrijlaten nog voor dat de onderhandelingen zullen starten. Als ze dat nalaten zullen ze de hele stad vernietigen. Een mens kan zich inbeelden hoe de schrik er moet inzitten bij de modale Bruggeling. Ze nemen alvast de nodige maatregelen om hun muren extra te beveiligen. Maar ondanks deze vijandelijkheden zetten de scheidsmannen hun onderhandelingen verder in Gent en komen ze tot een ontwerptekst van vrede.

Het plaatje oogt te mooi om waar te zijn
De belangrijkste punten van die schikking zijn het vervangen van Maximiliaan door de graven van Wolkenstein en Hanau in Brugge, terwijl Filips van Kleef-Ravenstein zal dienen als gijzelaar in Gent tot alle voorwaarden van de vrede vervuld zullen zijn. Achteraf zal diezelfde Filips van Kleef-Ravenstein de Vlamingen mogen ondersteunen tegen allen die deze vrede zouden breken. De Duitsers van hun kant zullen binnen de vier dagen na de vrijlating van Maximiliaan hun troepen uit Vlaanderen terugtrekken. Daarna zullen de Vlamingen hun krijgsvolk afdanken. De Roomse koning belooft om alle straffen kwijt te schelden en wat gebeurde door de vingers te zien en te vergeven.

En dat hij nu eindelijk zal afzien van de rijksvoogdij. De Staten van Vlaanderen zullen die taak overnemen en dat gedurende de minderjarigheid van zijn zoon Filips. Maximiliaan zal trouwens na zijn vrijlating alle voorrechten en vrijheden van Vlaanderen bekrachtigen, met inbegrip van de vrede van Atrecht. Het plaatje oogt schitterend en eigenlijk te mooi om waar te zijn. Ik vraag me af waar de addertjes in het gras van deze deal verstopt zitten.

Maximiliaan gaat met alles akkoord
13 mei 1488. De scheidsmannen komen met een hele delegatie afgevaardigden en edellieden naar Brugge om het bereikte ontwerpakkoord aan Maximiliaan te overhandigen. Hij slikt alles, zolang hij maar zijn vrijheid kan terugkrijgen want de koning zit hier nu al meer dan drie maanden opgesloten. Het zal hem wel zwaar vallen dat hij het bestuur over Vlaanderen uit handen moet geven, maar eigenlijk zijn dat zorgen voor later. Ik moet onvermijdelijk terugdenken aan de trouweloze Lodewijk XI die keer op keer zijn woord brak. Beseft Vlaanderen eigenlijk dat dit hier ook het geval kan zijn? Maar ja, het akkoord is er nu, waarom zou men zich zorgen maken over problemen die er niet zijn?

De vrede zal trouwens met een buitengewone plechtigheid bezworen worden. Op het midden van de grote markt richten de Bruggelingen een verheven vierkanten park op, dat zal wel een soort podium zijn met daarop een altaar en een koninklijke troon. De hele ceremonie zal plaatsvinden op 16 mei. De geestelijken vergaderen eerst in de Sint-Donaaskerk en stappen vervolgens met het ‘allerheiligst sacrament’ en de relieken van het H. Kruis en van de al even heilige Donaas naar het huis waar de Roomse koning vermoedelijk staat te popelen om er weg te mogen. Dat doet hij effectief, Maximiliaan volgt de processie tot op de markt. Maar in plaats van naar het park te gaan begeeft hij zich eerst naar huize Cranenburg, de plek waar hij aanvankelijk opgesloten zat.

De afgevaardigden en de wetsheren van Brugge beleven vermoedelijk de schrik van hun leven en vrezen het ergste. Ze moeten straks vergiffenis vragen aan de koning en doen het alleen al bij dat vooruitzicht in hun broek. Ze hebben hem toch wel veel misdaan, het besef komt een beetje laat. Ze stappen met een ‘lang gat’ naar Cranenburg. Ze hebben geluk dat de heer van Romerswael, de pensionaris van Zeeland de moeilijke taak op zich neemt en er met een emotionele oproep in slaagt om Maximiliaan tot vergevingsgezindheid te bewegen. Hij belooft om hen in genade te ontvangen en de spons over het verleden te vegen.

Zijn vader de keizer zal het wel weten
Pas nu begeeft Maximiliaan zich naar het park met het podium. De 24 scheidsmannen vragen hem plechtig of hij de afgesproken vredesartikelen wil bezweren. Nadat ze allemaal voorgelezen zijn zweert hij op de relieken van de processie dat hij zich er zal aan houden. Hij ontslaat de Vlamingen van hun eed van getrouwheid die ze eerder hadden afgelegd. Daarna is het de beurt aan de autoriteiten om hun eed af te leggen, dat gebeurt allemaal in de handen van de bisschop van Doornik. Ook de dekens van de ambachten leggen deze eed af. Na de zegening van het heilig sacrament en het zingen van het Te Deum Laudanum keert de processie terug naar Sint-Donaas. Maximiliaan nuttigt het middagmaal in de woning van Adolf van Kleef-Ravenstein en vertrekt dan op zijn beurt naar de Sint-Donaaskerk. Hij ontslaat daar Filips van Kleef-Ravenstein van zijn eed van trouw.

Filips zweert meteen om zich in Maximiliaans plaats te Gent als gijzelaar aan te bieden. In afwachting dat alle punten van het vredesverdrag nagekomen zijn. Hij belooft op zijn eerste communieziel dat hij aan de zijde van de Vlamingen zal strijden tegen iedereen die er aan denkt om deze vrede te breken. Filips van Kleef-Ravenstein vergezelt de Roomse koning bij zijn vertrek tot buiten de Kruispoort en vraagt hem nog een keer of hij nu van plan is om de gezworen vrede te respecteren, iets wat Maximiliaan bevestigt. Wat zijn vader de keizer daarvan denkt is niet zijn verantwoordelijkheid, maar dat zegt hij natuurlijk niet luidop. De koning zet zich op weg naar het kasteel van Male terwijl Filips zich in het Brugs feestgewoel stort.

· · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

Auteur van 'De Kronieken van de Westhoek'

Related Articles & Comments

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *